* MaatschappijColumn

Column van Eline!: Duurzaamheid te koop

Duurzaamheid, het is één feest. Je zou het bijna in een commerciële categorie kunnen plaatsen met hypes als “mindfulness” en “Pokémon Go”. Mindfulness: goed voor de geest. Pokémon Go: goed voor de lichaamsbeweging van luie bevolkingsgroepen als pubers en werklozen. Duurzaamheid: goed voor de aardbol en daarmee voor de mensheid.

Pssst, zat u al op het puntje van uw stoel? Speelt u Pokémon Go en heb ik u zojuist bestempeld als lui? Of bent u werkeloos, wilt u dat helemaal niet zijn en voelt u dit als een aantijging? Dit is een column! Dat is een stukje met een scherp randje. En dit verhaal gaat niet over Pokémon Go, maar over duurzaamheid! En het gaat niet over u! Of toch misschien toch wel?

Duurzaamheid is door de jaren heen een containerbegrip geworden. Alles wat te maken heeft met maatschappelijk verantwoord leven, milieu, ecologie en toekomstgericht denken wordt tegenwoordig onder duurzaamheid geschaard. Wat houdt de term duurzaamheid precies in? De volgende definitie is geformuleerd door de World Commission on environment and Development van de Verenigde Naties in het rapport “Our Common future”: “Duurzame ontwikkeling is de ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van de toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen”.

Dat klinkt logisch toch? Als de olifanten uitsterven vinden we dat erg. We veroordelen stropers en ivoorhandelaren. We proberen de diersoort te conserveren. Ook met geld is het een ingebakken logica: Je kunt het hebben, maar als je meer uitgeeft dan je hebt, dan is het op. Maar waarom zou je je drukmaken om de schijnbaar onuitputtelijke grondstofvoorraden in de wereld? En waarom is dat flesje dat je op straat gooit, omdat er nergens een prullenbak staat, nou echt van belang?

Toen ik vanmorgen begon met het schrijven van deze column, had ik contact met onze Purmerendse Zwerfinator Dirk Groot. U kent hem wellicht wel. Die man die “gratis en voor niets” Purmerend en omgeving afloopt om zwerfafval op te rapen. Na een gesprek via messenger gaf hij me een klein standje: “Dingen op straat gooien is ook natuurlijk gedrag. Alle dieren en organismen gooien hun resten achteloos weg. De rest van de natuur draagt er wel zorg voor. Daar zijn wij al onderdeel van zo lang als we bestaan. Probleem is dat onze schillen nu van plastic zijn. De meeste mensen hebben het kunstje geleerd het in de afvalbak te gooien. Een aantal van ons weet dat niet of vergeet dat wel eens. Ik heb vroeger ook dingen op straat gegooid. Ik rijd ook wel eens door rood en heb vaak zonder licht gefietst. Mensen zijn niet perfect.”

En eigenlijk vernietigde hij met deze woorden de moraal van mijn column. Hoe creëer je bewustwording als het eigenlijk natuurlijk gedrag is? Hoewel, duurzaamheid is toch logisch? Je koopt toch geen nieuwe TV als je 3 maanden daarvoor al een nieuwe hebt gekocht? Waarom koop je dan wel een plastic tas terwijl je thuis boodschappentassen hebt liggen? En als je die vergeet, waarom pak je dan geen kartonnen doos?

gretaDe gemeenten Purmerend en Beemster zijn vorige maand begonnen met de 100-100-100 actie. Honderd huishoudens, honderd dagen, 100% afvalvrij. (Of eigenlijk restafval-vrij). Een aantal van die deelnemers organiseert wekelijks op vrijdag het “duurzaamheidscafé” in Lunchroom de Oorsprong in de Peperstraat. Bladerend door de berichtgeving van dit kleinschalige evenement, kwam ik een foto tegen van Greta van Halderen die van een hemd een boodschappentas gemaakt had. “Dat is pas up-cyclen”, luidde één van de reacties. En hoewel ik braaf de filter van een sigaret in mijn broekzak stop als er geen afvalbak in de buurt is. Hoewel afval scheiden een koud kunstje is. En hoewel ik liever spullen weggeef dan ze in de grijze bak gooi… Door die foto realiseerde ik me dat deze vorm van duurzaamheid voor mij een stap te ver is. Zo ook met de broodzak gemaakt van de pijp van een zomerbroek.

Ik koop linnen tassen in de supermarkt. In mijn schuur hangen er een stuk of 10, want ja ik vergeet ze wel eens. Tassen, gemaakt in fabrieken, beschilderd met verf, vervoerd met een vrachtwagen, opgeslagen in een verwarmde opslag. Maar het is geen plastic.

De plastic tasjes die ik toch koop, gebruik ik als afvalzak voor vuilnis. Een plastic vuilniszak of een plastic tas, het vuilnis maakt het niet uit.

Kip koop ik het liefst in een biologische variant. Niet alleen fijner voor de kip, maar vooral ook voor de medicatie die anders in ons eco-systeem terecht komt.

Ik heb het even cursief voor u gemaakt. Koop. Ik koop duurzaamheid. Ik koop passieve duurzaamheid. Commerciële duurzaamheid. Duurzaamheid binnen de normale kaders. Hoe erg dat is, daar ben ik nog niet over uit. Voorlopig naai ik geen hemdjes tot draagtas, maar kijk ik vol bewondering naar de mensen die dat wel doen. Voorlopig leer ik mijn kind respect te hebben voor de natuur. Voorlopig kijk ik met plezier naar de kinderen van Dirk Groot (1 en 3 jaar oud) die wel weten dat ze geen afval op straat moeten gooien. En voorlopig hoop ik dat er, door mensen als Dirk en Greta, steeds meer mensen gaan nadenken over wat ze kunnen bijdragen aan een duurzame wereld. Binnen hun eigen kaders. Binnen hun eigen vermogen.

Dit verhaal gaat over duurzaamheid! En het gaat niet over u! Of toch misschien toch wel?

Eline Ploch

 

Foto’s: Dirk Groot

Tags

Gerelateerde artikelen

1 commentaar

Wat u zegt

Back to top button
Close
Open chat
1
Heeft u vragen, opmerkingen of tips voor onze redactie? Geef het ons door....
%d bloggers liken dit: