Den Haag – Duizenden reizigers maken dagelijks gebruik van de trein in Nederland. Om het spoorvervoer betrouwbaar, comfortabel en betaalbaar te houden, zoekt het kabinet samen met NS naar manieren om verdere tariefstijgingen in 2026 te beperken.
Eerder werd al besloten om de stijging van de NS-tarieven in 2025 te halveren van 12% naar ongeveer 6%. Voor 2026 dreigt echter opnieuw een stijging van zoβn 12%, tenzij er aanvullende maatregelen worden getroffen. De intentie van het kabinet is om, net als voor 2025, te zoeken naar een gezamenlijke oplossing waarbij Rijk, NS en reizigers ieder een deel van de lasten dragen.
Geen tariefdemping door Rijksbijdrage
De beschikbare middelen binnen het Mobiliteitsfonds, waaruit een Rijksbijdrage zou kunnen komen, zijn echter beperkt. Omdat deze gelden al zijn toegewezen aan essentiΓ«le aanleg- en onderhoudsprojecten, heeft het kabinet besloten om infrastructuurprojecten niet te schrappen ten gunste van lagere treintarieven. Daarmee is een Rijksbijdrage voor tariefdemping voorlopig van de baan.
Toch blijven de gesprekken met NS doorgaan. NS kampt met financiΓ«le problemen: de kosten zijn de afgelopen jaren sterk gestegen door inflatie, terwijl de reizigersaantallen structureel lager blijven dan voor de coronapandemie. In 2024 boekte NS voor het vijfde jaar op rij een negatief operationeel resultaat en staat het bedrijf voor een jaarlijkse besparingsopgave van circa 200 miljoen euro.
Spreiden en beperken dienstverlening
De onderhandelingen richten zich nu vooral op twee punten: het spreiden van de extra tariefstijging van 3,5% in 2026 over meerdere jaren en het beperken van de dienstverlening op rustige trajecten om kosten te besparen.
Het kabinet benadrukt dat het streeft naar een zorgvuldige afronding van de gesprekken, maar ook snel duidelijkheid wil bieden aan reizigers. De Tweede Kamer en de reizigers worden naar verwachting voor de zomer van 2025 geΓ―nformeerd over de uitkomsten.


