Purmerend β Het gerechtshof Amsterdam heeft een man veroordeeld tot een taakstraf van zestig uur, waarvan dertig uur voorwaardelijk, voor het samen met een ander mishandelen van een minderjarige in Purmerend. Het slachtoffer werd op 20 maart 2024 meerdere keren in het gezicht geslagen. Aan het voorwaardelijke strafdeel is een proeftijd van twee jaar verbonden.
De ontmoeting ontstond naar aanleiding van een ruzie tussen het broertje van de verdachte en een getuige. De verdachte en zijn medeverdachte wilden volgens de uitspraak verhaal halen. Het hof acht bewezen dat zij daarbij het slachtoffer sloegen.
Getuige wijzigde verklaring
De verdediging vroeg om vrijspraak, onder meer omdat de getuige later verklaarde geen geweld te hebben gezien. Het hof vond zijn eerdere verklaringen bij de politie betrouwbaar. Die kwamen in de kern overeen met de verklaring van het slachtoffer. Een agent zag bovendien vuurrode oren en rode plekken op beide wangen. Volgens het hof paste dat bij de beschreven klappen.
Eerder veroordeeld
Het hof rekende de verdachte zijn intimiderende optreden en eerdere veroordelingen voor geweld aan. De straf is gelijk aan die van de politierechter. Overschrijding van de redelijke termijn met ruim twee maanden leidde niet tot strafvermindering.
