Rechtbank: Gemeente Purmerend mocht handhaven tegen autostalling op agrarisch perceel

Haarlem – De gemeente Purmerend heeft terecht een last onder dwangsom opgelegd aan een ondernemer aan de Middenweg in Middenbeemster die zonder vergunning auto’s en verharding op zijn agrarische perceel had aangebracht. Dat oordeelde de Rechtbank Noord-Holland. De ondernemer moet zowel de gestalde voertuigen als de aangebrachte Stelconplaten verwijderen.

De zaak begon in 2022, toen toezichthouders op het perceel meerdere auto’s aantroffen die volgens de eigenaar deel uitmaakten van zijn handelsvoorraad. Ook bleek het terrein te zijn verhard met Stelconplaten, waarvoor geen omgevingsvergunning was aangevraagd. De gemeente waarschuwde meerdere keren en gaf extra tijd om de situatie te legaliseren, maar bij een controle in 2023 bleek dat de overtredingen nog niet waren beëindigd.

Geen bewijs voor gedane toezegging

De ondernemer stelde dat een ambtenaar in 2019 zou hebben gezegd dat de verharding was toegestaan. De rechtbank ging daar niet in mee: er zijn geen documenten of andere bewijzen die een dergelijke toezegging ondersteunen. Daarmee faalde het beroep op het vertrouwensbeginsel.

Geen sprake van gelijke gevallen

Ook het argument dat de gemeente in vergelijkbare situaties niet optreedt, hield geen stand. Volgens de rechtbank is niet gebleken dat op nabijgelegen percelen hetzelfde soort strijdig gebruik plaatsvindt. Bovendien mag een gemeente prioriteiten stellen bij handhaving, zolang ze individuele meldingen wel zorgvuldig beoordeelt.

Last onder dwangsom blijft in stand

Omdat duidelijk sprake is van strijd met het bestemmingsplan, blijft de eerder opgelegde last onder dwangsom van kracht. Als de ondernemer niet aan de opdrachten voldoet, verbeurt hij twee afzonderlijke dwangsommen van ieder € 10.000. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.


Grotere kaart weergeven

AANBEVOLEN ARTIKELEN

NET BINNEN

MEEST GELEZEN

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *